Bij het openen van het vierde zegel verschijnt de hoeder van het westen, Nabu-Mercurius, de ruiter op het vale paard, die als naam de Dood heeft en die wordt nagevolgd door de onderwereld met de geesten van de diepte (Schult, p.116). Onder de vier elementen behoort de lucht tot het westen en tot Nabu-Mercurius, de aanvoerder van de doden. In het westen ligt de toegang tot de Hades. Daar doorschrijdt de zon de poort naar de onderwereld. De lucht is het element dat de verbinding tussen hemel en aarde verzorgt. Zoals Jupiter en het vuurelement in het oosten de goddelijke onsterfelijke geest van de mens belichamen, zo vertegenwoordigen Nabu-Mercurius en het luchtelement in het westen het lagere ik van de mens, zijn aards mercuriaal denken. Op gelijke wijze vertegenwoordigen, zoals we zagen, Nergal-Mars en het waterelement in het noorden de begeerteziel en Ninurta-Saturnus met het aarde element in het zuiden het fysieke lichaam (Schult, p.117). De vier ruiters of wereldhoeders tonen zich werkzaam in geest, ziel en lichaam van de mens en in het lagere ik. Dit visioen van Johannes heeft veel gelijkenis met het visioen met de vier groepen paarden van de profeet Zacharia, dat herinnert aan het nieuwjaarsrennen waarmee het nieuwe wereldjaar wordt geinaugureerd. (Zacharia 6:1-8).

De dood op vaal paard verschijnt bij openen van het vierde zegel,14de eeuw, Apocalypse, La Teinture de Louis d’Anjou, Editions du Patrimone, Centre des Monuments Nationaux, 2015, Paris, www.monuments-nationaux.fr

Bij het openen van het vierde zegel blijkt dat de neergang van de niet door de Christusimpuls geraakte mens nog verder gaat. Het mercuriale denken is abstract, heeft zich losgemaakt van zijn hemelse oorsprong en dreigt te vervallen aan de machten van de onderwereld. Het levende wordt met dit denken ontleed tot alleen het dode overblijft. Dit kleurloze denken verwijdert zich ver van het innerlijke wezen van de mens. Een door doodskrachten doortrokken denken kent het heilige niet meer. De laatste resten aan kosmisch schouwen en paradijselijke verbondenheid met de wereld van de geest vervaagt. Slechts intellectuele begrippen blijven over die geen werkelijkheid meer hebben voor God. Met de geboorte van de abstracte wetenschap in Europa breekt de godenschemering door (Schult, p.120).

Echter Nabu-Mercurius is niet alleen leider van de doden, maar als bode van de goden middelaar tussen alle lagere en hogere sferen. Het symbool voor Mercurius is de cirkel, daarboven de halve cirkel en daaronder het kruis. Dit zijn de symbolen voor de Zon, de Maan en de Aarde ineen. Als de mens de tussenweg tussen dood en duivel door vindt dan breekt in het centrum van zijn wezen het geesteslicht van Christus door. Een prachtige verbeelding hiervan geeft de houtplastiek de Mensheidsrepresentant van Rudolf Steiner en Edith Maryon waarin de Christus de weg gaat tussen Lucifer en Ahriman, de duivel en de dood. Nabu-Mercurius, of Hermes-Thot, wordt als bode van de goden tot middelaar met zonnekwaliteit, tot voorloper van de ware godsmens. Anders gezegd, de komst van de Messias in de Grieks-Romeinse cultuurperiode herstelt in de mens de mogelijkheid van de onsterfelijkheid van het Ik. En wat zich niet leent voor deze onsterfelijkheid moet ten prooi vallen aan de dood, vertegenwoordigd door de ruiter op het vale paard (Schult, p.120).

Mensheidsrepresentant tusssen Lucifer en Ahriman, Rudolf Steiner en Edith Maryon, 1924, in: Judith von Halle en John Wilkes, Die Holzplastik des Goetheanum,  Dornach: Verlag am Goetheanum, 2008, p.30

Bock (p.111) staat stil bij de rol van het paard dat door de mens bereden wordt en waarmee de mens leert het paard, symbool voor het eigen denken, te leiden. Tegenwoordig is het paard echter uit zijn vroegere rol grotendeels verdreven door de auto. Die machine wordt ook door de mens bestuurd, maar vertegenwoordigt een veel eenzijdiger en meer uiterlijk aspect van het denken. Nog verder gaat de toekomstige vorm van het mechanische paard, de auto die zelf kan navigeren en waarin de mens half slapend kan reizen en het bezielende gebruik van zijn intelligentie dooft. Dit vale paard heeft in het beeld van de Apocalypse de dood in zijn gevolg. Met de komst van de auto toont het straatbeeld hoe onze intelligentie abstract en kil wordt. In de machine zijn onze gedachten verzelfstandigd. Maar wie de roep van de Christus begrijpen, zullen deze dood van de ziel overwinnen. Dullaart (p. 53) associeert dit paard met de werking van nog machtiger tegenkrachten dan Lucifer en Ahriman, de Azura’s (Sorat), die het ik van de mens willen roven waardoor hij onverschillig wordt, depressies krijgt, zinloos geweld pleegt en stil staat in zijn biografische ontwikkeling.

De vier dieren, die spreken bij het openen van de eerste vier zegels, vertegenwoordigen de vier voornaamste machten in de wereld die door het christendom een nieuwe betekenis krijgen.  De oorlog (de leeuw), de vreedzame arbeid (de stier), de gerechtigheid (het wezen met het mensengelaat) en de religieuze opbloei en gerechtigheid (de adelaar) (Steiner, GA 8, p.122). Bij de vierde ruiter vertoont zich de religieuze macht waaraan door het ware christendom een nieuw aanzien zal worden gegeven (Steiner, GA 8, p.121).